FAQ - Veelgestelde vragen



Wanneer zijn steunzolen aangewezen?

•  De stand van uw voeten of tenen is afwijkend.
•  U hebt pijn door een verkeerd stap- of looppatroon.
•  U hebt voetklachten door overbelasting.
•  U hebt last aan uw voeten door diabetes of reuma.
•  Uw kind klaagt over voet-, groei- of kniepijn.

 


Vragen steunzolen om aangepaste schoenen?

Vraag advies aan onze podoloog. Wij passen uw steunzooltype aan uw klachten en schoenkeuze aan.
Kies altijd schoenen met:
•  voldoende teenruimte
•  een uitneembaar voetbed
•  een hoge, stevige hielomsluiting - dat is de versteviging achteraan in uw schoen

 


Hoe onderhoudt u uw steunzolen?

Reinig uw kunststof steunzolen met een vochtige doek en een niet-agressieve zeep.
Behandel uw lederen steunzolen regelmatig met een voedende ledercrème.
Haal zowel uw lederen als uw kunststof steunzolen 's avonds uit uw schoen om te verluchten.
Leg uw steunzolen nooit op of naast de verwarming.

 


Wie mag steunzolen of orthopedische schoenen voorschrijven?

•  reumatoloog
•  chirurg algemene heelkunde (orthopedisch chirurg)
•  fysiotherapeut
•  neuroloog

•  kinderarts

 


Wat betaalt uw ziekenfonds terug?

Bij sport- of steunzolen:
U bent jonger dan achttien?

Dan krijgt u jaarlijks een gedeeltelijke terugbetaling van uw ziekenfonds voor een nieuw paar steunzolen.
U bent ouder dan achttien?

Dan krijgt u om de twee jaar een gedeeltelijke terugbetaling van uw ziekenfonds voor een nieuw paar steunzolen.

 

Bij orthopedische schoenen:
U betaalt alleen het remgeld. Uw ziekenfonds neemt de rest van de kosten voor zijn rekening.

 


Wanneer is een loopanalyse aan te raden?


•  U bent een actieve sporter en wilt blessures voorkomen.
•  U hebt last van pijnlijke loopletsels zoals achillespees- of beenvliesontstekingen.
•  U lijdt aan hardnekkige knie-, heup- of enkelpijnen.

 


Wat is een goede kinderschoen?

•  Kies altijd een kinderschoen in de juiste maat – zowel in de lengte als in de breedte – en met voldoende teenruimte.
•  De ideale kinderschoen is achteraan gesloten. De hielomsluiting heeft een goede pasvorm en u kunt ze nauwelijks of niet indrukken.
•  De schoen buigt op de juiste plaats – enkel en alleen ter hoogte van de tenen –zodat de voet normaal afrolt. U kunt de schoen niet buigen in de lengte, vergelijkbaar met de beweging van een dweil uitwringen.

•  Kies voor kinderschoenen met een aanpasbare sluiting: veters of klittenband. Knoop veters altijd dicht, zodat de schoen niet van de voet valt en voldoende stabiliteit geeft.
•  Doet uw kind aan sport? Gebruik dan voor elke discipline aangepaste sportschoenen: een loopschoen om te lopen, een tennisschoen om te tennissen, een voetbalschoen om te voetballen, …